Duizendguldenkruid 51
3824 NM Amersfoort
06 - 16 946 704
www.speeldaghb.nl

Klemzitten uit zich in gedrag.

Als een hoogbegaafd kind klem zit op school, dan zal dit leiden tot een verandering in gedrag. Het kind kan 'naar binnen toe' reageren. Het zal zich dan terugtrekken, zich gaan afsluiten en afzonderen van de groep. Maar, het kind kan ook 'naar buiten toe' reageren. In de praktijk wordt dit benoemd als gedragsproblemen. Voorbeelden van gedrag die door de leerkracht benoemd worden zijn: schreeuwen, slaan, schoppen, bijten, schelden, brutaal zijn of uitdagen, negeren.

Realiseer je als ouder dat je kind zowel thuis als op school verschillend gedrag kan laten zien. Wat de leerkracht benoemt kan daarom best waar zijn en is niet altijd het gevolg van een verkeerde interpretatie. Er zijn vele voorbeelden bekend van kinderen die op school dwars en recalcitrant reageren en thuis het zonnetje in huis zijn. En ja, er zijn ook vele voorbeelden van kinderen die precies andersom reageren, op school aanpassen en thuis ontladen.

Hoe dan ook, een verschil in observatie tussen school en thuis is dus altijd reden voor een gesprek en het onderzoeken van de situatie.

Naar binnen of naar buiten reageren?

Voel je het verschil tussen kinderen die 'naar binnen toe' reageren en kinderen die 'naar buiten toe' reageren? Het ene kind wordt gezien als 'een stiller kind' het andere kind heeft een gedragsprobleem. Als HBcoach ben ik het niet eens met dit onderscheid. Wat mij betreft heeft ieder kind, dat niet meer zichzelf is en zichzelf niet meer laat zien zoals de ouders het kennen als het ontspannen en in contact is met zichzelf, 'een probleem dat zich uit in gedrag'. Je kind is dus geen probleemkind, maar een kind met een probleem en een hulpvraag.

Een kind dat naar binnen keert wordt soms ook wel omschreven als 'stille wateren, diepe gronden'. Het is moeilijk om dit kind te doorgronden. Wat gaat er nou echt in het koppie om? Maakt het zich zorgen? Hoe denkt het over zichzelf? Voel je hoe dit kind 'vastloopt' in het gedrag? Voor de omgeving is deze manier van reageren minder 'problematisch'. Het kind verstoort de omgeving niet en valt minder op. Deze kinderen lopen daardoor vaak minstens net zo erg vast als de kinderen die naar buiten toe reageren. De 'schade' die hersteld moet worden zit diep en heeft flinke zelftwijfel gebracht, het zelfbeeld is beschadigd en vaak is er ook sprake van (lichte) depressiviteit.

Het kind dat naar buiten reageert valt op. Dit zorgt ervoor dat het duidelijk wordt dat er een probleem is. Hoe dat probleem moet worden aangepakt leidt vaak een groot verschil van inzicht tussen leerkracht/ school en ouders. De leerkracht zegt meestal iets dat lijkt op: de groep wordt verstoord, het kind moet het gedrag afleren en ander gedrag aanleren. Ouders reageren vaak met: mijn kind is een zachtaardig en lief kind, dit gedrag ken ik niet van hem/ haar. Ons kind krijgt op school niet wat het nodig heeft. School heeft iets te doen. Het kind, jouw kind, zit ondertussen klem en zal zich 'aantrekken wat er over hem/ haar wordt gezegd en schuldig voelen'. Dat leidt tot extra inzet op 'aanpassen, gewoon doen, meedoen' en natuurlijk zelftwijfel, 'er is iets met me aan de hand'. Ook bij deze kinderen is er sprake van een beschadigd zelfbeeld en mogelijke depressiviteit.

Wat is klemzitten?

Met klemzitten bedoel ik: niet krijgen wat je nodig hebt en wat bij je past. Denk bijvoorbeeld aan:

  • de leerkracht legt de stof uit op een manier die niet bij jouw manier van leren past,
  • werkjes en opdrachten die (ver) onder je niveau liggen en/ of
  • voelen dat je anders bent dan de kinderen in je klas, maar je dit niet bewust zijn en het 'cultuurverschil' niet herkennen.

Klemzitten leidt tot stress en kan zich uiten in tics.

Krijgen wat je nodig hebt, gedragsproblemen verdwijnen.

Kinderen die zich steeds maar weer moeten aanpassen en niet krijgen wat wel bij ze past, ontwikkelen gedragsproblemen. Als je in de begeleiding inzet op het 'aanpakken of veranderen van gedrag', dan worden deze kinderen nog steeds niet gezien. Sterker nog, ze moeten zich nog meer gaan aanpassen.

Kinderen die krijgen wat ze nodig hebben ervaren dat als 'gezien en begrepen worden'. En dat is super belangrijk. Iemand die je echt ziet en begrijpt, die weet en voelt wat je wel bedoelt en wat je nog te leren hebt, die biedt een veilige plek. En op een veilige plek kan je jezelf laten zien, daar durf je klein te zijn, fouten te maken, te experimenteren, te voelen en te leren.

Dan hoef je niet meer jezelf weg te cijferen, jezelf aan te passen en je anders voor te doen dan je bent. Het is niet langer nodig te investeren in iets dat zo beroerd en benauwd voelt. Je verliest geen energie meer aan wachten, afwachten, tekort komen. Je kunt je nu gaan focussen op 'dat wat je te leren hebt' en 'hoe je dat gaat doen'. Dat betekent dat je 'iets te doen hebt' en als je daar dan ook nog gemotiveerd voor bent, dan gaat de energie vanzelf de goede kant op stromen. 

Die motivatie is vaak nog wel een ingewikkeld iets. Je wilt het graag leren, maar weet niet hoe. Daar heb je hulp en ondersteuning bij nodig. Dan heb je iemand nodig die ziet wat je moeilijk vindt en die je helpt om door te zetten.

SAMEN ONDERZOEKEN WAT ER AAN DE HAND IS.

Vraag de school om samen te onderzoeken in welke situaties je kind welk gedrag laat zien (zijn er bepaalde triggers). Ga op zoek naar dat wat wel werkt om hem uit te dagen en onderwijs op zijn niveau en passend bij zijn manier van leren te bieden. Als het lukt om dat te vinden en aan te bieden, dan het gedrag zeer waarschijnlijk smelten als sneeuw voor de zon of toch in ieder geval heel duidelijk afnemen.

Tips bij je onderzoek, het gesprek en de geboden ondersteuning op school:

  • Vertel het grote geheel en welk stukje daarvan nu wordt geoefend.
  • Vertel waarom het belangrijk is om dit te leren (het nut inzien is  voor HBkinderen echt heel belangrijk).
  • Onderzoek samen wat je kind al kent, kan en beheerst. Onthoud; iets herkennen of na kunnen vertellen is geen beheersen. Alles wat je nog niet beheerst moet nog geleerd en dus ook geoefend worden (daar is het nut weer belangrijk).
  • Het is belangrijk om een goed onderbouwd plan te maken. In dit plan moet er aandacht zijn voor verrijken en verbreden.
  • Versnellen kan je onderzoeken als je merkt dat verrijken, verbreden en aandacht voor leerstrategie, verwoorden en samenwerken niet voldoende bieden.
  • Als je gaat compacten (vast wel), zorg dan dat er genoeg tijd is om te oefenen, te verwerken en te automatiseren.
  • Zoek ook binnen de school contact met ontwikkelingsgelijken. Zijn er meer kinderen die op dezelfde manier leren? Is er een mogelijkheid om samen te werken (mooi leerdoel)?
  • Bij het stellen van doelen is het belangrijk te focussen op leerstrategie, denkvaardigheden, verwoorden, behalen van leerdoelen (en niet op gedrag of executieve functies).
  • Bij het maken van het plan kan het fijn zijn om je kind erbij te betrekken. Wat wil jouw kind leren? Waar ligt nu de grootste leerhonger en leervraag?
  • Blijf focussen op opties en mogelijkheden, niet op wat er niet goed gaat. Gaat er iets niet goed? Prima, dat kan. Maar, wat kan er dan helpend zijn om dit te doorbreken? Wat is de bedoeling achter dat wat mis gaat in gedrag (roep om hulp).
  • Blijf de leerkracht zien als iemand die hart heeft voor kinderen en op het gebied van hoogbegaafdheid nog dingen te leren heeft (het zit niet in de opleiding). Zoek de samenwerking op, wissel informatie en ervaringen uit. Vraag wat er gezien wordt en vertel hoe jullie dat thuis ervaren. 
  • Overweeg om een HBcoach mee te nemen naar je gesprekken. Deze HBcoach zal extra kennis en ervaring op het gebied van hoogbegaafdheid in kunnen brengen in het gesprek. Voordeel hiervan is dat het tempo van de gesprekken en het bereiken van resultaat kan versnellen.
  • Vraag de IB'er om aan te sluiten bij de gesprekken. Zij kan de leerkracht ondersteunen.
  • Kom je er samen met school en de eventuele HBcoach niet (genoeg) uit? Schakel dan het Samenwerkingsverband (SWV) in. Zij kunnen de school verder ondersteunen.
  • Kom je er samen met school en SWV niet uit? Neem dan contact op met de Onderwijsconsulenten.nl (OC). De OC is door 'Den Haag' in het leven geroepen om te helpen Passend Onderwijs te realiseren. Ze komen in actie op het moment dat er een (dreigend) conflict is met de school.

IK WIL GEEN LASTIGE OF ZEURENDE OUDER ZIJN.

Blijf je realiseren, dat het gedrag dat je ziet bij je kind en wat je niet herkent, een heel belangrijk signaal is. Je kind wil gezien worden, wil voelen dat hij mag zijn wie hij is en dat hij krijgt wat hij nodig heeft. Ook al weet je kind niet precies wat dat is, wat het inhoudt en hoe dat werkt. Blijf vertrouwen houden in je kind en in jezelf. Zolang het niet goed voelt, gaat het niet goed. Je bent geen lastige ouder, maar een bezorgde ouder. Dat is een wezenlijk verschil.

WOWcoaching & opstellingen
Duizendguldenkruid 51, 3824 NM AMERSFOORT
06 - 16 946 704 | coach [at] marjolijnpeters.nl
Ook te volgen op Facebook

Copyright © 2007